Hallo, dit ben ik als maker

Van jongs af aan ben ik gefascineerd door 'materiaal'. Dit is iets wat ik me pas later heb gerealiseerd. Ik ben ook altijd al handig geweest.
Met mijn vader in de schuur knutselen aan dingen.
Heel de tuin overhoop halen om een boomhut te bouwen Wekenlang de bovenverdieping in beslag nemen om te schilderen op  groot formaat.
Iets wat voor mij erg voor de hand lag was kleur. Hoe je kleuren mengt is mij in de kleuterklas uitgelegd en ik ben dit nooit vergeten. Mijn verbazing was groot toen ik op de middelbare school dat nog aan mede leerlingen uit moest leggen.
Kleur is dus belangrijk voor mij. 

Mijn positionering

Maar wat betekend dat dan voor mij als ontwerper en deze opleiding.... pfffff.

Soms heb ik het idee dat het beter was geweest als ik beeldende kunst was gaan doen. Maar dat is ook niet het antwoord. 

Ik denk dat het er uiteindelijk op neer komt dat ik een autonome ontwerper ben. Het kan eigenlijk ook niet anders met alle materiaalonderzoeken die ik doe.

Bij het werk wat ik maak vind ik het belangrijk dat er wordt nagedacht. Bijvoorbeeld over al het afval wat er wordt geproduceerd. Of simpelweg het vergaan van materiaal (dat kan van alles zijn: een tekening, schilderij of een foto). Deze dingen zijn beide belangrijk bij het werk dat ik de afgelopen periode heb gemaakt. 
Mijn werk is dan ook voor iedereen toegankelijk. Dat zou dan ook betekenen dat het op een plek te zien is waar iedereen er naar zou kunnen kijken. Een museum bijvoorbeeld.   

Conclussie 

Sinds de start van mijn onderzoek is de manier hoe ik mijn onderzoeksvraag formuleerde meerdere keren veranderd. Ik ben er nog niet van overtuigt dat het nu het beste is geformuleerd. Maar bij elke aanpassing kwam ik steeds dichter bij datgene wat belangrijk is: De schoonheid van materiaal in zijn kringloop.

Omdat mijn onderzoek voornamelijk materialistisch is heb ik veel experimenten gedaan. 
Na een paar tests gedaan te hebben kwam ik er al snel achter dat het makkelijker is om één constante te hebben en één variabel. Het vezelmateriaal was altijd krantenpapier. Zelfs met dat ene materiaal is het nog mogelijk om verschillende variaties te krijgen. 

Omdat het een heel bekend materiaal is waar iedereen al eens mee in contact is geweest is het iets dat iedereen aan zou kunnen spreken. Het project is dan ook voor iedereen bedoeld. 

Maar waar zou ‘iedereen’ dit dan kunnen zien? Een openbare plek. Zoals een museum bijvoorbeeld. Een museum zoals het CODA, waar ze ieder jaar een papier-kunst-tentoonstelling houden. Of een drukkerijmuseum? Dit omdat papier het medium is waar op wordt gewerkt. De dikte van geschept papier maakt niet uit als het bedrukt wordt. 

 

Hoe ik uiteindelijk ga presenteren is voor mij nog niet helemaal helder, er zijn verschillende mogelijkheden waar ik uit kan kiezen om mee verder te gaan. 

  • Een soort ‘werkplaats’ maken waar je kunt kijken. Waar dan iedere dag papier word gemaakt, opgehangen om te drogen. Het kan - door de elementen - vergaan en dan weer opnieuw worden gebruikt om opnieuw papier te maken. Dit zou fysiek kunnen of digitaal.
  • Een boek over het maakproces (uiteraard op geschept papier).
  • Een foto serie op posters, van verwaaid en half vergaan papier.
  • Een workshop, waar men zelf kan leren papier maken en dat gebruiken naar eigen keuze.